|
|
DOS & DON'TS
GERELATEERDE ARTIKELEN
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
![]()
Niet dat er geen stinkers op het label te vinden zijn, zie de nieuwe compilatie Ed Rec Vol.2. Justice vonden we er altijd wat over gaan en met de rosse slungel Vicarious Bliss moet het misschien goed lachen zijn backstage, op die acid-folk zit enkel de vijftien jaar oudere zus van zijn lief te wachten. Dat Uffie niet kan rappen, wisten wij al, maar nu weet ze het zelf ook, dus is het okéé. Zeker als ze het doet op overstuurde beats van haar beau Feadz of, nog beter, de electroshocks van Mr. Oizo. Intussen zet Sebastian zijn eigen Assault on Precinct 13 in aan het stuur van een felrode Testarossa met een mixtape van Giorgio Moroder en Human Resource in de upgebooste stereo. Zelfs de Klaxons vallen te pruimen in de So Me-remix. En zoals gezegd verdraait one-man-soundsystem DJ Mehdi tijd en ruimte (meer bepaald de eerste helft van de jaren tachtig en 2007, en New York en Parijs) tot de mensen ‘Vive Le Bronx’ roepen. Labelbaas Pedro Winter heeft het voor mekaar daar. (Wat niet per se meer moest na tien jaar het management van Daft Punk gedaan te hebben.) Zijn invloed is niet te onderschatten, zoals DJ Mehdi ons onlangs vertelde. (Het volledige interview kan je lezen op de website van Vice Belgium.) “Bij Ed Banger zijn we een hoop vrienden. Bijna elke dag zie ik ze. We delen de studio, een kantoor, met sommigen zelfs een huis. En achter dat alles zit geen enkele gimmick, geen marketingplan. We vormen een echte crew. Veel is te danken aan het kinderlijke optimisme van Pedro Winter. Om het met Daft Punk te zeggen: we’re having the prime time of our life.” In de jaren veertig en vijftig liep er in Parijs ook zo’n figuur rond. Een muziekfreak die artiesten boekte, platen uitbracht en de beste feestjes organiseerde. Boris Vian was trompettist, schrijver, uitvinder, ingenieur, dichter, muziekjournalist, producer en chansonnier. Hij bracht Duke Ellington, Dizzy Gillespie en Miles Davis naar Frankrijk. In de caféés en clubs rond Saint-Germain-des-Préés zakte hij existentialistisch door met Raymond Queneau, Juliette Grééco, Simone de Beauvoir en Jean-Paul Sartre. (In zijn bekendste boek L’Ecume des Jours, Het Schuim der Dagen, koopt het hoofdpersonage zich arm aan publicaties van Jean-Sol Partre.) Als chansonnier mengde hij traditie met vernieuwing, zowel in teksten als in klanken (La Java des Bombes Atomiques is een goeie). Een piepjonge Serge Gainsbourg stond vaak om de hoek van de opnamestudio mee te kijken en kreeg daar zijn klik.Vian speelde ook een gemeen stukje jazztrompet, al was zijn idool gek genoeg de blanke Bix Beiderbecke en niet de veel genialere Miles Davis of Dizzy Gillespie. Gek, omdat Vian een notoire tegenstander was van rassendiscriminatie. Onder het pseudoniem Vernon Sullivan schreef hij vier thrillers in Amerikaanse hardboiled-stijl met niet mis te verstane kritiek op de hypocrisie en sociale dubbelzinnigheden in de VS. In die tijd en die bewoordingen een serieuze shock to the system. Voor Boris Vian zelf ook, want toen hij op 23 juni 1959 naar de premièère ging kijken van de verfilming van zijn boek Ik Zal Spuwen Op Jullie Graf kreeg hij na enkele minuten een hartaanval die hij niet meer te boven kwam. De vergelijking tussen Boris Vian en Pedro Winter gaat dus niet volledig op. Allebei staan ze wijd en zijd bekend voor hun feesten, fungeren ze als magneten voor muzikaal talent, schoon talent en gewoon schoon, en kijken ze niet op een kleur. Maar Vian schreef mooie volzinnen, vond wel eens iets uit (de Pianocktail waarmee je al toetsen spelend een longdrink kon mixen, is helaas nooit in productie gegaan) en, zegt DJ Mehdi, “Pedro Winter speelt geen trompet.’’ JF STEKKER | |||||||||||||||||||||||||||||||||